Camperbezit is sinds 2026 duurder geworden. Per 1 januari 2026 is de motorrijtuigenbelasting voor campers verhoogd van het kwarttarief naar het halftarief. Dat betekent dat camperbezitters niet langer 25%, maar 50% van het normale tarief voor een personenauto betalen. Vooral bij zwaardere campers en dieselcampers kan dat flink schelen in de jaarlijkse kosten.
De hogere wegenbelasting zorgt voor discussie onder camperaars. Voor sommige eigenaren gaat het om honderden euro’s extra per jaar. In bepaalde gevallen kan de stijging zelfs richting 1.000 euro of meer gaan, afhankelijk van het gewicht, de brandstofsoort en de provincie waar de camper staat geregistreerd. Daardoor kijken steeds meer camperbezitters kritisch naar de totale kosten van hun camper.
Camper blijft populair, maar kosten worden belangrijker
Toch betekent de hogere wegenbelasting niet automatisch dat iedereen zijn camper verkoopt. De camper blijft populair onder vakantiegangers die vrijheid, flexibiliteit en comfort belangrijk vinden. Met een camper is het eenvoudig om spontaan te reizen, meerdere plekken te bezoeken en onderweg toch veel eigen voorzieningen bij de hand te hebben.
Wel verandert de manier waarop mensen naar camperbezit kijken. Waar voorheen vooral de aanschafprijs centraal stond, worden nu ook de terugkerende kosten belangrijker. Denk aan wegenbelasting, verzekering, onderhoud, stalling, brandstof, banden en afschrijving. Juist omdat deze kosten elk jaar terugkomen, kan het verstandig zijn om ze regelmatig opnieuw te bekijken.
Schorsen kan soms kosten besparen
Veel campers worden niet het hele jaar gebruikt. Sommige eigenaren rijden vooral in het voorjaar en de zomer, terwijl de camper in de wintermaanden stilstaat. In dat geval kan tijdelijk schorsen interessant zijn. Tijdens een schorsing hoeft er geen motorrijtuigenbelasting betaald te worden, maar de camper mag dan ook niet op de openbare weg rijden of staan.
Bij schorsen is het belangrijk om verder te kijken dan alleen de belasting. Ook de verzekering moet goed worden gecontroleerd. Sommige verzekeringen bieden tijdens stalling of schorsing nog dekking tegen bijvoorbeeld brand, storm of diefstal. Andere dekkingen kunnen tijdelijk beperkt zijn. Controleer daarom altijd wat er met de verzekering gebeurt als de camper geschorst wordt.
Ook de camperverzekering opnieuw bekijken
Nu de vaste lasten stijgen, is dit een goed moment om ook de camperverzekering opnieuw te beoordelen. Veel camperbezitters sluiten ooit een verzekering af en laten deze jarenlang doorlopen. Dat is makkelijk, maar niet altijd voordelig. De waarde van de camper, het gebruik en de gewenste dekking kunnen namelijk veranderen.
Wie minder rijdt, de camper vaker stalt of vooral in Nederland blijft, heeft mogelijk een andere verzekering nodig dan iemand die maandenlang door Europa reist. Ook maakt het verschil of het gaat om een nieuwe camper, een oudere camper, een buscamper of een luxe integraalcamper.
Let niet alleen op de premie
Bij het vergelijken van camperverzekeringen draait het niet alleen om de laagste maandpremie. Let ook op dekking bij diefstal, storm, hagel, ruitschade, accessoires en schade in het buitenland. Veel campers hebben waardevolle extra’s, zoals zonnepanelen, een luifel, fietsendrager, navigatie of ingebouwde apparatuur. Niet iedere verzekering vergoedt deze onderdelen op dezelfde manier.
Wie vooral wil besparen, kan kijken naar de goedkoopste camperverzekering. Let daarbij wel goed op de voorwaarden. De goedkoopste polis is niet altijd de beste keuze als belangrijke dekkingen ontbreken.
Conclusie
De hogere wegenbelasting maakt camperbezit duurder, maar hoeft geen reden te zijn om direct afscheid te nemen van de camper. Wel is het verstandig om de totale kosten opnieuw door te nemen. Door te kijken naar belasting, schorsing, onderhoud, stalling en verzekering ontstaat een beter beeld van de werkelijke kosten. Zo blijft camperrijden betaalbaar én goed verzekerd.
